dinsdag 10 april 2012

Eerste lekke band maar ook andere mooie dingen.

Na een fijne nachtrust staan we om 07.00 uur op. Na het ontbijt ziet Marian dat de linkervoorband van de auto lek is. Een uur later zit er het reservewiel eronder want zonder handleiding en onbekende spullen is het even zoeken. Gelukkig heb ik een paar op maat gezaagde planken voor als we ergens in de blubber komen te zitten. Deze bewijzen hun dienst nu als krik verhogers.
Als we richting Atherton rijden, zien we na 300 meter een bandenreparatiebedrijf genaamd Beaurepair. Gelukkig is de man na wat gepraat en zielig doen bereid om ons nog te helpen. Het is namelijk Paaszaterdag en dan weet je het wel. Het wel even wachten maar ja dat heb ik voor over want zonder werkend reservewiel is het geen prettig vooruitzicht.
Na 2 uur rijden we weer. Bedankt Rory. We besluiten meteen maar de weekendboodschappen te doen. Als we die binnen hebben vervolgen onze weg richting Ravenshoe. Wanneer we over het mooie Tabelland rond Atherton rijden richting Raveneshoe komen we bij een afslag naar Mount Hypipamee. Er schijnt een krater te moeten zijn, maar ook mooie watervallen. Het is allemaal waar. Het is heerlijk koel in het schitterende tropische bos. De krater is blijkens een beschrijving ontstaan door een geweldige gasexplosie diep uit de aarde. Er is hierbij geen materiaal meegekomen. Het resultaat is een groot gat met hoge wanden met rotsen er omheen. De krater is gevuld met water en een dikke laag eendenkroos. Er leven snoekachtige vissen in. De watervallen zijn misschien niet zo groot en heftig als op sommige plaatsen in Europa maar ze zijn niet minder fraai om te zien. En dan dat geluid erbij en dat schitterende heldere en koude water. Jammer dat we geen zwembroeken meegenomen hebben want er zijn plekjes waar je heel fijn zou kunnen rondplonzen.
Er staan ook borden dat er een agressieve kasuaris is gesignaleerd. Ach ik heb een stevige stok annex boomtak gevonden die ik vanaf een week geleden bij me heb tijdens wandelingen als verdedigingsmiddel in geval van nood. Ik weet niet of het wat zou uithalen maar helemaal niets is ook zo kaal.
Omdat het zo’n mooie plek is lunchen we er gelijk maar even. Lekker broodje kaas met tomaat.
Via Rvenshoe komen we rond 15.00 uur aan bij Forty Mile Scrub National Park en zien er een prachtige picknick plaats. Er staat niet bij dat we er niet mogen kamperen dus mag het. Er is een WC en een overdekt zitje. Een paar uur later verorberen we daar ons warm eten. Inmiddels begint het te schemeren en de eerste nachtdieren laten zich horen. “s Avonds spelen we in de kampeerauto nog twee potjes Yathzee. Als ik buiten kom al tandenpoetsend wordt de omgeving verlicht door een heldere maan. Ik heb helemaal geen verlichting nodig. Morgen zien we weer verder.

.-.-.-.-.-.-.-

We wake up at 7 AM. We have a quick splash of water in the face and start the day. After breakfast Marian notices that the front left tyre is flat. It takes a while to figure out who, what and where as we have no manual. After an hour the tyre has been replaced by the spare.
Lucky enough just 300 meters away from the campsite is a Beaurepair. The manager tells me that he has no time and is going to close soon because of Easter. I need al my charm and smart talking to change his mind. After two house we are back on the road. Thank you so much Rory. We decide to do some weekend shopping as well. Then we drive in the direction of Ravenshoe. The Tabellands are beautiful to drive through. Underway we see a sign to Mount Hypipamee. We visit the place which has a crater and a few beautiful waterfalls. The crater has been formed by violent gas explosions from deep underneath. What remains is the crater with high rock walls and water with fish in it. It’s a beautiful rainforest and it is moistly cool. We decide to have lunch there because of the relaxing atmosphere.
At 3 PM we arrive at Forty Mile National Park. It’s a nice pick nick area with no signs that camping is forbidden. We are about the only ones there so no worries. We enjoy our dinner outside. Shortly after that it gets dark. Inside the van we play Yahtzee do some reading and fall asleep with the sounds that go with a tropical night.

.-.-.-.-.-
Het is 6 april. Na na een frisse douche en ontbijt verlaten we de uitstekende Big4 camping. Het zag er allemaal prima en ruim uit.
We rijden naar een bezienswaardigheid genaamd The Lighthouse. Het is een vuurtoren die, zoals verwacht, op een berg aan de kust staat bij Cooktown. De klim er naartoe met de camper verloopt zeer steil. Percentages van 11% worden gehaald.


De vuurtoren is al zeer oud maar netjes en goed onderhouden. Er is een kleine rondloop met Aboriginal kunst in het loopgedeelte verwerkt. Kennelijk is e.e.a. tot stand gekomen door donaties. Langs de kanten zijn kleine ingegoten tegeltjes met namen van bedrijven, particulieren en organisaties. Sommige vertederend zoals die van kinderen met hun lieve opmerkingen. We hebben een uitzicht van 360 graden op de baai, de zee en de indrukwekkende bergen met zeer dichte begroeiing erop. Deze bezienswaardigheid krijgt een 10 van ons.
Hierna gaan we naar het museum. Tot onze spijt is deze gesloten i.v.m. de aanstaande feestdagen. Wat rest is een foto van het pand omdat het vermoedelijk het oudste pand van Cooktown is.In een park aan zee hebben we ook nog een foto genomen van het standbeeld van de oude zeerot waarnaar het dorp is vernoemd. Cook heeft hier heel lang gelden schade opgelopen aan zijn schip de “Endeavour” en is hier aan land gekomen. Ook hier is het rif de schuldige.
Tot slot willen we nog naar de Endeavour Falls. De weg er naartoe gaat na 20 km verrassenderwijs over in een 4x4 dirt road vol met gaten en kuilen. Jeeps scheuren er overheen alsof die niet bestaan. Als we er eindelijk aankomen blijkt het om een vier sterren kampeerterrein te gaan. Lekker dan. Dus weer terug over dezelfde gaten, bobbels en wasborden want doorrijden is geen optie.
We nemen de weg die we eerder vanuit de richting Cairns gekomen waren weer terug. Bij Mount Molley willen we overnachten maar op de eerst zo rustige plaatsjes van de Rest Area staan nu een dozijn tenten, caravans en auto’s. Vermoedelijk is een halve Aboriginal gemeenschap er neergestreken. We besluiten door te rijden en vinden uit het lang geleden gekochte “Geheime kampeerplekjes boek” een plaats bij Rocky Creek bij een War Memorial Park waar kamperen aan één zijde van het gebied is toegestaan. Het is een enorm groot en ruim grasveld waar je zelf mag weten waar je gaat staan. Het is er nog niet heel druk. We kiezen voor een plekje in de schaduw van een gumtree.
Niet veel later verschijnt er een politieauto. Een paar mensen lopen er meteen naartoe en er is enige opwinding. Opeens scheurt de politieauto met zwaailampen op er vandoor maar komt even later onverrichter zake weer terug met nog een politieauto. Er blijkt een kind mogelijk tegen haar wil door een man in een auto te zijn meegenomen. Ook wij worden door een vrouwelijke agent als mogelijke getuigen genoteerd. Helaas moeten we haar teleurstellen v.w.b. wat wij gezien hebben. Het toiletgebouwtje wordt hermetisch afgesloten en wordt een technisch onderzoek gestart dat tot laat in de avond duurt. Ondertussen hebben we een emmer dankbaar als urinoir gebruikt.
Ik heb een lekkere warme hap op tafel gezet en we zitten er buiten van te genieten. We hebben inmiddels een klein tafeltje gekocht zodat we ook buiten kunnen eten.
Oeaaah. Lekker slapen. Om 22.00 uur gaat ons lichtje uit. Welterusten.

.-.-.-.-.-.-.

After a good nightrest we rise, have a refreshing shower and have a breakfast. We leave the fine Big4 camping and drive to “The Lighthouse”. A must see by many people. It’s a steep climb with the van. The lighthouse is very well maintained and seems to be supported by donations from companies, private persons and institutions looking at the little tiles which are laid in the concrete floor. It looks a bit like a roundabout with Aboriginal art in the colourful floor. The 360 degree few is magnificent. It shows us a view on the bay from Cooktown, the wide sea and mountains with tropical forests. This place is rated with an A by us.
The next stop is the museum but unfortunately it is closed because of Easter. Instead of that we go to a park where we make a photo of the statue of the old Cook. This is the place where he damaged his ship the “Endeavour” many years ago and had and had to disembark his ship. There was one thing left to see and that was the Endeavour Falls, which suggest falling water. It wasn’t the case so we drove al the way back over a 10 km 4x4 track. It showed to be a four star camping with the last couple of kilometres sealed road. Thank you.
So we drove back to Mount Molloy to stay overnight. When we got there the peaceful reat area was crowded with a dozen cars, tents and caravans. It seemed that a Aboriginal family arrested the place so we drove on in the direction of Atherton. In our “Secret Place Camping Guide” we found a place in Rocky Creek at the War Memorial Park. There were a few more campervans on the big grassy area. Camping was allowed. Not long after our arrival a police car came in. A few people ran to the car and there was some agitation. The case was that a young kid could have been taken into a car against its will. We were noted as possible witnesses. The toilet area got sealed and we couldn’t use it until late. So we used the bucket. In the meantime I made us a nice diner and sit outside to enjoy it. At 10 PM the lights in the van went out. Oeaahh, sleep well.

vrijdag 6 april 2012

Naar Cooktown

Vanmorgen donderdag 5 april zijn we met de auto naar de “kaap” gereden die we gisteren te voet niet konden vinden. Het bleek nog wat verder weg te zijn dan we hadden berekend. Er was aan de rand van het strand naast de kaap een “Gool gee” wat zoveel betekent als een plaats van vroeger van Aboriginals om elkaar te ontmoeten, verhalen te vertellen, cultuur door te geven en medicijnen uit te wisselen. In het Engels heet het Kulki.
Naast al het mooie dat we al gezien hebben, stranden, kreken en wouden, valt dit deel van de kaap een beetje tegen.
Dan vertrekken we. We proberen vandaag Cooktown te bereiken. Omdat we geen 4x4 auto hebben kunnen we niet langs de kust naar het noorden. Dan maar 300 km omrijden. Absoluut geen straf.
We rijden door het Daintree Nationaal Park naar het zuiden richting Mossman. Onderweg komen we nog een kleine overstroming tegen maar dat vormt geen probleem. Bij Mount Molloy aangekomen drinken we bij een Mexicaans café een lekker bakkie koffie voordat we weer verder rijden. Na ongeveer 140 km zetten we de auto stil bij het James Ear uitkijkpunt om de benen te strekken. We hebben een wijds uitzicht over bergen, dalen, wouden en savanneachtig gebied dat sterk aan Afrika doet denken. Als we verder rijden komen we veel zogenaamd “road kill” tegen. Dat wil zeggen doodgereden dieren zoals kangoeroes en zelfs een dood gereden dingo (Australische wilde hond). Middels borden langs de weg worden we erop gewezen dat er loslopende koeien in het gebied zijn. Ondertussen mag je er wel 110 km per uur rijden. We moeten dan ook geregeld op de ho ijzers om koeien voorzichtig te omzeilen die vanuit het hoge graas en bosschages tevoorschijn komen.
We rijden op een gegeven moment over een lage brug met snel stromend water met grote donkere brokken graniet erin. Schitterend. Niet veel later komen we bij een tweede uitkijkpunt met zicht op Black Mountain. De bergen bestaan uit grote zwarte stenen en is gevormd door uit omhooggestuwd lavasteen..Hier onderzoek ik een waterslang, uhum die van de auto want we verliezen water. Blijkt de slang van de watertank onder de auto door een steen of iets dergelijks te zijn geraakt. Na veel gedoe met het aloude ductape de boel weer dicht gekregen. Onderwijl heeft Marian een eitje gebakken en lunchen we meteen.
Als we Cooktown binnenrijden blijkt het een schattig dorpje aan de kust te zijn met verschillende winkeltjes. Het heeft geen echt centrum. Het ligt in een rivier delta. Het is eb en de meeste bootjes die voor anker lagen, liggen nu op het droge op een soort zandplaat. We gaan op zoek naar een camping. Het wordt Big4 één van de meest bekende campings in Australië. Binnen niet al te lange tijd liggen we in het zwembad om af te koelen. Het is erg warm.
We gaan lopend nog even naar het centrum om wat boodschappen te halen. Helaas blijkt de slager al dicht te zijn. Dus hebben we gebakken vis gehaald die voortreffelijk smaakt bij de zoete aardappelen en doppertjes.
Van de receptioniste van de camping hebben we een brochure gekregen met bezienswaardigheden. Daar gaan we morgenochtend nog wat mee doen voordat we weer vertrekken.

.-.-.-.-.-.-

This morning, Thursday April 5, we drove to the point that we couldn’t find yesterday evening. It was a little further then the place where Theo went on foot over the beach yesterday. It was called “Gool Gee” witch means meeting point for Aboriginals. In English it is called Kulki.
Because we didn’t have a 4x4 car and wanted to go to Cookstown we had to make a detour from 300 km. We drove back the way we came. In Mount Molloy we stopped for a coffee at a Mexican café. After 140 km we stopped at a lookout called James Ear. We had a tremendous view over mountains, forests and savannah like bush land that looked like Afrika. The road is quit hazardous because of cows running free. Several times we have to hit the brakes and calmly drive around the beasts who came out of the bushes and high grass.
The second lookout is one with a view on the Black Mountains. It exists of big black lava stones. It’s really cool and amazing to see. Nothing but big black stones.
Here I noticed that the car was leaking water. It showed that the water hose from the water tank got hit by a stone or something like that. I managed to get it repaired with good old ductape.
Cooktown showed to be a very small place with a few shops. When we arrived it was low tide and many anchored boats were lying on the sand banks. Funny to see.
We found a camping called Big4 and booked for one night. We walked to the centre to buy some meat but the butcher already closed so we bought us some backed fish. It was jemmy with the sweet potatoes and green peas.
From the receptionist we got some sightseeing details of Cooktown. Tomorrow we will pay some of them a visit.

.-.-.-.-.-.-

donderdag 5 april 2012

Twee dagen Cape Tribulation

Woensdag 4 april is het als we om 08.00 uur onze ogen uitwrijven. Ontbijtje, een lekkere douche en we zijn weer klaar voor de nieuwe dag.
We trekken onze halfhoge wandelschoenen aan en lopen via een stuk strand naar een plek waar we het bos in kunnen. Volgens iemand die hier woont is dat een mooie wandeling en kom je hele mooie kreken en baaien tegen. Ook nu worden we gewaarschuwd voor die grote happers. Gek maar we hebben er nog niet één gezien. Toch maar eens speciaal voor naar op zoek gaan want het lijkt ons wel gaaf om zo’n grote joekel in het wild te zien.
De wandeling is mooi en van wat ons verteld is, is geen woord gelogen.
Het loopt langzamerhand naar laagtij dus ga ik alleen via het strand gewapend met camera, fles water in de rugzak en hoedje op naar een ongeveer 2,5 km verderop gelegen uitkijkpunt vlakbij Kulki (Cape Tribulation).Voor Marian is het tochtje iets teveel van het goede. De zon schijnt er genadeloos op los en het is echt heet. Onderweg moet ik mijn halfhoge schoenen uitdoen omdat ik een kreek moet doorwaden. Ik ben ongeveer een uur te vroeg namelijk.
Bij het uitkijkpunt aangekomen is het een klauterpartij via rotsblokken om boven te komen, maar het uitzicht is er wel fraai. Ik blijf een dik kwartier genieten van het uitzicht en maak een paar foto’s. Als ik via dezelfde weg terug ga naar de camping, kom ik halverwege een oudere zeer gebruinde man tegen. We begroeten elkaar en maken een praatje. Hij vraagt waar ik vandaan kom. Uit Nederland zeg ik, waarop hij zegt “Waarom spreken we dan geen Nederlands. Hij heet Rijkers en woont hier al 50 jaar. Hij heeft een zogenaamde “Cabin” aan het strand. Hij vraagt of ik de tijd heb want dan lopen we er even naartoe. Ik moet hem vriendelijk bedanken want Marian maakt zich ongerust als ik te lang weg blijf. Hij legt me uit hoe ik er via de weg kan komen voor het geval we nog op een ander moment langs willen komen. Geweldig is dat toch, wildvreemde mensen die je zo gastvrij tegemoet treden. We groeten elkaar en ik ga in flinke pas verder. Ik doe mijn T-shirt uit want dat is doorweekt. De laatste slok water gaat op. In mijn enthousiasme loop ik per abuis mijn “afslag” naar de camping voorbij en moet dus weer een eindje terug als ik mijn fout bemerk.
Marian reageert opgelucht als ze me weer ziet verschijnen want ik ben duidelijk langer weggebleven dan was geraamd. Ik neem gauw een verfrissende douche en was gelijk mijn kleren uit.
Rond 17.30 stelt Marian voor om te voet over de weg naar het punt te lopen waar ik geweest ben. Na een dik uur lopen zijn we er nog niet en het begint serieus donker te worden. We zijn de enigen op straat. Af en toe passeert er een auto maar verder is er geen sterveling op straat. Inmiddels schijnt de maan uitbundig en we zien vleermuizen voorbijschieten. Uit de bossen om ons heen horen we allerlei dierengeluiden maar van welke weten we niet precies. Om 19.15 uur zijn we weer terug. We genieten van een pizzaatje dat we bij de kampwinkel/ bar/ bistro besteld hebben.
Morgen op naar Cooktown maar eerst nog met Marian met de auto naar het uitkijkpunt. Volgens informatie is het vanaf een parkeerplaats nog maar 500 meter. Dat is te doen.


,-,-,-,-,-,-,-,-,
Today we made a walk over the beach in the direction of a section were we could go into the woods. A local told us yesterday about this walk and the beautiful scenery we would encounter. Indeed is was a great 1 hour walk.
When we came back I went for another walk to a lookout near Kulki ( Cape Tribulation) just 2,5 km’s away. Marian stayed “at home” because this would be to demanding for her. It was a very hot and sunny day. Armed with some water, my camera, hat and little backpack I took off. Underway I had to take off my walking boots as I needed to cross a knee deep creek. I was an hour early and the low tide wasn’t there yet.
The outlook was absolutely worth while climbing it. I stayed there for about 15 minutes and took some pictures. On the way back I ran into an older man with a deep sun browned skin. We made a chat and he asked me where I came from. I said Holland. So he said “Why aren’t we speaking Dutch them”. He originated from Holland but lived here for 50 years. He invited me to his cabin some 2 km in the direction where I came from. I told him that I was very nice to invite me but that Marian was waiting for me. So he explained to me how we could get to his place by car just in case I would change my mind.
When I came back Marian was glad to see me again as I was quit a bit later than estimated. Next time I’llk take the walky-talky with me. At 5.30 PM Marian suggested that we could walk to the same outlook over the road. After an hour we still didn’t find the correct exit so we decided to go back because it was getting dark already. At 7.15 PM we were back again. It was a lovely walk in the refreshing evening with al the exotic sounds in the wood, the sparkling creeks and flying foxes around us.
We ordered a pizza at the camping bar/ bistro for dinner. Tomorrow we leave for Cooktown but not before I have showed Marian the lookout I spoke about.

.-.-.-.-.

Port Douglas en Cape Tribulation

Dinsdag 3 april. Vanochtend op ons gemakje opgestaan en nog even lekker gedoucht en haren gewassen want we weten niet waar we terecht komen. Nog even koffie drinken terwijl Theo zijn blog probeert bij te werken. Ik dreutel wat rond en ruim het e.e.a. op. Straks vertrekken we naar het noorden. Het lijkt er op dat het natte seizoen voorbij is. Nu maar afwachten of de onverharde wegen begaanbaar zijn en de verharde wegen niet onder water staan.
Voordat we echt verder trekken doen we eerst nog wat noodzakelijke boodschappen. De proviandkast moet wel gevuld blijven. Om 10.45 rijden we langs het water van de oceaan naar Port Douglas. Wat een mooie route is het daar naartoe. Bij een “lookout” kijken we van hoogte over de zee. We kunnen de grillige kustlijn een heel eind volgen.
Niet veel later rijden we door Port Douglas. Wij vermoeden dat de jaren hier ook niet stilgestaan hebben want we zien het ene dure ressort na het andere. Het doet zelfs een beetje mondain aan. Er is een gezellig centrumpje. Maar niets trekt onze aandacht om stil te houden. Het is ook erg warm en stilstaan is een straf. Als we verder rijden zien we een rest area onder hoge bomen bij een kreek met verlokkelijk helder water. Een Aboriginal gezin zit aan de kant. De jongetjes hebben zwembroekjes aan en zwemmen en ravotten er lustig op los. Maar ho wacht eens even er staat een duidelijk waarschuwingsbord dat je niet aan de kant moet zitten en al helemaal niet moet zwemmen. Ik vraag één van de knulletjes of het niet link is wat ze doen. Nee, zegt hij, mij verbaasd aankijkend, het is hier veel te ondiep en helder voor kroks. O.K. jij zal het wel weten. Ook moeder lijkt zich geen enkele zorgen te maken.
We eten er een lekkere bol met oude kaas en bakje koude melk. Het doel is Cape Tribulation dus we gaan na onze lunch meteen weer verder. Het is nog minstens 65 km rijden met een gangetje van 60 km gemiddeld. De wegen zijn er vrij smal en de kwaliteit is zo, zo.
Bij Daintree Village worden we naar een “Ferry” verwezen een stukje verderop. We kopen een retourtje want je kan er aan de noordzijde van de Cape wel uit maar alleen met een 4x4. De weg is er zeer slecht. De Daintree River is een vrij brede getijde rivier. De ferry wordt voortgetrokken door een kabel en zo’n ouderwetse grote katrol. Ik stap uit en film wat en Marian maakt wat foto’s maar dat wordt door de kapitein niet zo op prijs gesteld. Er staat inderdaad een bord met instructies om in de auto te blijven zitten. We verontschuldigen ons maar wat we hebben, hebben we.
We rijden van de ferry af en worden er op gewezen dat we ons door het Nationale Park van Daintree gaan begeven. Ook is het een gebied waar de Kasuaris voorkomt en nog al eens onaangekondigd de weg over rent. Wild kamperen is verboden en wordt volgens een bordje beboet met wel 50 dollar. We weten niet of dit een geïndexeerd bedrag is ha,ha. Onze rit voert ons verder door een tropisch regenwoud met smalle sterk stijgende en dalende wegen. Na van een uitzicht bij een ander punt te hebben genoten zien we enkele kilometers voor Cape Tribulation een camping. Ook deze camping ligt aan zee. Op sommige plaatsen bestaat de kust uit strand met mangrovebossen.
We mogen zelf een plekje uitzoeken en gaan helemaal op het eind tegen het bos aan staan. Als we via een stukje bos bij het strand aankomen kunnen we ons voorstellen wat de zeelieden in de oude tijd zagen. Baaien met palmbomen, tropisch woud met mooie stranden. Maar pas op want ook hier is een rif.
“s Avonds, als we aan onze warme maaltijd zitten, zien we rond de kampeerauto twee hoenderachtige vogels rondscharrelen. Eén is een bush Turky maar de andere kennen we niet. Na het eten ga ik nog even naar het strand terug om te kijken bij wat vissers die we kort ervoor gesproken hebben bij hun tent op weg naar het strand. De ene heeft net een rif haaitje aan de lijn. Het is een “Black Tip” zoals die hier genoemd wordt. De man is er een beetje wars van om de haai beet te pakken dus doe ik het maar. De haak moet er toch uit immers en het beest ligt maar te springen op het zand. Het vastpakken kost geen enkele moeite want zijn onze vissen glad en slijmerig, een haai heeft een huid dat lijkt op schuurpapier. Nee mensen, ik hoef niet als een Steve Irwin op het beest te liggen om hem in bedwang te houden. Zo groot is hij ook weer niet maar wel sterk. Je voelt de kracht in het beest waar je weinig tegen uit kan richten. Morgen gaan we via het strand met laagtij naar de Cape. Alleen dan kan het, anders moet je door de bosjes en een kreek met juist ja, die beesten of via de weg maar dat is niet leuk. Bakkie koffie schat. Lekker!


.-.-.-.-.-.-

Today, March 3 we drove up North to Port Douglas. Under way we enjoyed the view over the sea end its surroundings of two lookouts. Port Douglas is a nice place with very fancy and expensive looking resorts. Country Clubs, Golf Clubs and big yachts. We didn’t stay there because we didn’t see anything that took our attention. The main goal was to get to Cape Tribulation. A few kilometres further we took the ferry over the Daintree River. It’s a big tide river. The ferry drags itself to the other side by a steel cable.
The road is quit narrow and goes up in the mountains and down again. It’s a very lug area. There are signs that tell us that camping is only allowed on camping ground. Otherwise you may get fined for 50$. Around 2.30 PM just a few kilometres before we get to the Cape we decide to go to a camping. It’s a nice camping just along the beach. We find a nice spot in the shade as it is a very hot day.
In the evening I go to the beach again to look if some fishermen are catching anything. We spoke with them earlier. They told us quit a few things over the area and its possibilities. One of them catches a Black Tip shark. The guy isn’t to keen on grabbing the fish to unhook it so I put my hand behind the head of the shark. It feels like sandpaper. No dear friends I don’t have to lie down on the beast like Steve Irwin. It’s not that big.
Tomorrow we plan to walk to Cape Tribulation over the beach during low tide. That is the only possible moment without going through bushes and creeks with you know or over the road but that is no fun. Coffee darling. Yes please.

.-.-.-.-.-

dinsdag 3 april 2012

Helikoptervlucht over Great Barrier Reef

Vandaag, 2 april zijn we in tegenstelling tot gebruikelijk niet wakker gemaakt door een Kookaburra maar door een heuse wekker. Even lekker onder de douche, ontbijtje en om 07.45 uur zitten we fris en fruitig in de kampeerauto op weg naar de Sheridan Street in Cairns om de auto te laten repareren.
Als we die ingeleverd hebben, lopen we naar het centrum. Wat ons meteen opvalt is dat het centrum in vergelijking met 9 jaar geleden, een metamorfose heeft ondergaan. Er is een schitterende wandelboulevard met parken, een openbaar zwembad, waar je zo vanaf de straat in kan stappen. Heel apart om te zien. Dat kennen wij in Europa niet.
Vlak bij het eind van de boulevard is een jachthaven. Er vlak voor zien we vanaf een ponton een helikopter opstijgen. Het blijkt dat je een rondvlucht kan maken. We besluiten om het ook te doen, maar dan niet één van 10 minuten maar het dan meteen goed doen dus het wordt er een van 40 minuten. We schrijven ons in en betalen. Van een aardige jonge vent, Adam, krijgen we instructies wat we moeten doen in geval we met toestel en al in zee vallen. Niet veel later Naast de piloot zitten we er met z’n tweeën in en hebben alle ruimte. Marian zit achterin en ik zit naast de “chauffeur”. We krijgen koptelefoons op en er wordt nog het e.e.a. uitgelegd. Adam schiet een paar foto’s van ons bij en in de helikopter.
We vliegen langs de kust naar open zee en komen bij Green Island. Dit is een deels beschermd natuurgebied. We vliegen er een paar keer omheen en genieten van het zicht op het koraal van het Great Barrier Reef. Een stukje verderop is een hele kleine zandplaat zichtbaar. Wat de piloot niet vaak doet is er op landen. Hij doet het dit keer omdat we aangeven dat erg leuk te zullen vinden. Als we opstijgen zien we een paar keer zwarte reuzeroggen zwemmen boven het rif. De piloot legt ons uit dat dit Manta’s zijn. Ze zijn ongevaarlijk. De piloot doet verder zijn best om een rifhaai te spotten. Hij legt zijn toestel lekker plat in de bocht om goed zicht te hebben, maar helaas er is er niet één te zien. Hier en daar zien we ook zeiljachten voor anker liggen. Wat een bofkonten. Lekker zwemmen, een beetje vissen, hapje eten en andere leuke dingen doen! We vliegen na 40 minuten terug en hebben een schitterend uitzicht op Cairns.
We bedanken Matt, de piloot, voor de fijne en veilige vlucht. Er worden nog een paar foto’s geschoten en dan gaan we de esplanade weer op en komen bij het beeld waar we 9 jaar geleden ook waren. We herkennen de omgeving absoluut niet meer. Onze geliefde grote boom met bankjes erom kunnen we wat later en na zoeken weer terugvinden. Er zijn een hoop hotels, eet- en souvenirwinkeltjes bijgekomen. Ach ja, tijden veranderen en zo ook de omgeving.
Morgen op naar Cooktown een paar honderd kilometer noordelijker. Hett moet er heel erg mooi zijn.
Het was wel weer een fijne dag.



.-.-.-.-.-.-.-.-

Today, April 2 not the birds wake us uip but the alarm from our little clock. We had to be at the rental company at 8 AM to have some things done on the van.
So we went to see some old places where we were about 9 years ago. Couldn’t recognise a lot because of all the changes. On the shore there is this big esplanade with swimming pool in it. Huge hotels and other big buildings. What we did find though was our much beloved huge tree with the benches around it.
When we were walking on the esplanade we saw a helicopter landing on a pontoon. It showed that one could rent it for a flight over the reef and surroundings. So we paid and had a 40 minute flight over the reef and Green Island. The “driver” landed on a little sandbank on the reef and gave us the opportunity to have a closer look.
We spotted some Manta’s. Big and black and impressive. On the way back had a great few over Cairns.
Around 4 PM we got the message that the van was ready again. Boy, nice experience we had again today.

.-.-.-.-.-.

Weekend op camping in Brimsmead

Weekend van 31 maart zijn de dagen om wat kleine klusjes te doen. Zo heb ik het gekochte muggengaas op maat geknipt om voor de ingang van de achterklep te bevestigen. Zo kan het een beetje doorwaaien. Marian heeft nog een keer de was gedaan voordat we richting Cape York gaan..
Vandaag schrijven we op wat er aan de auto hersteld moet worden. Maandag brengen we hem weg en gaan in de tussentijd lekker de stad in. We gaan plekjes bezoeken waar we negen jaar geleden zijn geweest.
Verder genieten we van wat de camping te bieden heeft en luieren wat. Heerlijk de tijd om even wat te lezen. Daar is het de laatste dagen niet echt van gekomen en we hebben nog een hoop E-books te lezen.


.-.-.-.-.-.-.-.-.

The weekend od Saturday March 31 is there to do some little things. I made the mossy net that we bought in Ayr to fit in the back of the van so that we some draft. Marian was busy with the laundry before we in the direction of Cape York. Today we have to write down the complaints on the car so it can be fixed Monday.
In the meantime we enjoy the things the camping has to offer, do some reading en be lazy. We have a lot of E-books to read.

.-.-.-.-.-.-.-.-.